Onze experts helpen bij al uw vragen
088 181 0349- Binnen 24 uur.
- Gratis en vrijblijvend.
- Specialist uit uw regio.
Artikel 13 van de Grondwet waarborgt de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en biedt burgers het recht om zich te verzetten tegen onrechtmatige inbreuken daarop. De vraag of dit artikel horizontale werking heeft, is een belangrijk juridisch vraagstuk.
Horizontale werking verwijst naar de mogelijkheid dat grondrechten ook van toepassing zijn in de verhouding tussen burgers onderling, en niet alleen in de verhouding tussen de staat en de burger. In het geval van artikel 13 kan worden gesteld dat de bescherming die het biedt in principe vooral gericht is op de overheid. Dit betekent dat de bescherming tegen inbreuken op de persoonlijke levenssfeer primair is bedoeld om de burger te beschermen tegen handelen van de overheid.
<pHoewel artikel 13 zelf geen directe horizontale werking heeft, kunnen de beginselen die in dit artikel zijn verankerd wel implicaties hebben voor de onderlinge verhoudingen tussen burgers. Dit kan bijvoorbeeld tot uiting komen in de toepassing van andere rechtsbeginselen, zoals onrechtmatige daad, waarbij inbreuken op de persoonlijke levenssfeer door andere burgers mogelijk kunnen worden aangepakt.
Artikel 13 van de Grondwet heeft dus geen directe horizontale werking, maar de principes ervan kunnen wel een rol spelen in geschillen tussen burgers via andere juridische instrumenten. Voor een gedetailleerde analyse en advies in specifieke situaties is het raadzaam om contact op te nemen met een advocaat. U kunt ons bereiken via het contactformulier op onze website.
U wordt vandaag gratis en vrijblijvend teruggebeld door een ervaren strafrechtadvocaat.