Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) en strafrechtelijke veroordeling
Het verkrijgen van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) kan ingewikkeld zijn als je recent bent veroordeeld voor een strafbaar feit, zoals mishandeling. Hier zijn enkele overwegingen die van toepassing kunnen zijn op jouw situatie:
1. Beoordelingsperiode
Bij de aanvraag van een VOG wordt er gekeken naar een bepaalde beoordelingsperiode. Voor geweldsdelicten zoals mishandeling kan deze periode variëren, vaak tot vier jaar, afhankelijk van de ernst van het delict en de specifieke functie waarvoor je de VOG aanvraagt.
2. Relevantie van het Delict
De instantie die de VOG afgeeft, Justis, beoordeelt of het gepleegde delict relevant is voor de functie of situatie waarvoor je de VOG aanvraagt. Als het delict niet relevant wordt geacht, kan je alsnog een VOG krijgen.
3. Afwezigheid van Recidive
Het feit dat je sinds het delict in 2019 niet meer met justitie in aanraking bent geweest, kan positief meewegen bij de beoordeling van je VOG-aanvraag.
4. Mogelijkheid tot Bezwaar
Mocht je VOG-aanvraag worden afgewezen, dan heb je de mogelijkheid om bezwaar te maken. Hierbij kun je uitleggen waarom het delict niet relevant is voor de functie en waarom je van mening bent dat je wel een VOG zou moeten krijgen.
Het is aan te bevelen om contact op te nemen met een juridisch adviseur of direct met Justis voor specifieke begeleiding betreffende jouw situatie.